‘Ik voel weer hoop’ zei ze tegen me en dit ontroerde me. ‘Alle hoop was vervlogen maar ik zie weer wat licht’.

Het enige wat wij in deze setting samen deden is de innerlijk gebouwde constructies en patronen verhelderen voor haar. Zodat er gaten ontstonden in het doolhof en de verstrikkingen van haar enorme brij aan gedachtes. Er inzicht kwam in haar innerlijke gevecht. En de weerstand op alles wat ze voelde. Door deze gaten kwam wat licht tevoorschijn, wat er altijd al was, maar niet gezien.

Het is de verbinding met iets wat veel groter is dan onszelf. Dat echte ZIJN dat we (meestal) als baby/kind hebben ervaren. Waar ‘iedereen’ zo naar op zoek is. Deze hebben we zelf overschaduwd door onze eigen overlevingsmechanismes. Die soms heel hard nodig waren. Zo ook in dit verhaal. Als deze zorgvuldig opgebouwde beschermingsmechanismes gaan wankelen, dan heb je de liefdevolle verbinding nodig van de ander. Want dan kun je het soms even niet alleen.

Als eenmaal de eigen mechanismes herkend worden komt ook het krachtige deel tevoorschijn wat er gewoon onder lag te verstoffen. Licht, sprankelend en barstend van energie. Stap voor stap, want iets wat jarenlang bescherming is geweest doe je niet zomaar weg. Maar ik geloof er heilig in dat dat ene sprankeltje licht wat tevoorschijn kwam, vele, vele malen krachtiger is dan al die donkere herinneringen. En het begin is van een nieuwe start.

Ik ken vele verhalen over hoop, genezing en kracht. Mensen die vanuit de diepste wanhoop, met de meest uitzichtloze situaties deze wanhoop hebben omgezet in licht en kracht en deze deelden deze met de wereld. Wat een inspiratie voor mij.